Afbouw partneralimentatie mogelijk ook zolang wetswijziging nog geen feit is

14 mei 2013

De rechter kan bij echtscheidingsbeschikking of bij latere uitspraak aan de echtgenoot die niet voldoende inkomsten tot zijn levensonderhoud heeft, noch zich in redelijkheid kan verwerven, op zijn of haar verzoek ten laste van de andere echtgenoot een uitkering tot levensonderhoud (partneralimentatie) toekennen die betrekking kan hebben op een periode van 12 jaar gerekend vanaf het moment van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand (artikel 1:157 Burgerlijk Wetboek).

Er wordt al enige tijd gewerkt aan een wijziging van deze wetgeving – die door velen als niet meer passend bij de huidige maatschappelijke ontwikkelingen wordt beschouwd – waarbij het de bedoeling is o.a. de duur van de alimentatieverplichting aan te passen (tot maximaal 5 jaar). Het is (nog) niet duidelijk hoe de gewijzigde wetgeving er uit zal zien en wanneer deze zal worden ingevoerd. Dit betekent niet dat de termijn van 12 jaar vooralsnog onverkort moet worden toegepast: de rechter heeft de bevoegdheid tot een andere termijn of tot periodieke afbouw te besluiten, mits daarom uitdrukkelijk door de (advocaat van de) alimentatieplichtige wordt gevraagd. Recentelijk heeft het Hof Arnhem (uitspraak d.d. 21 maart 2013, publicatiedatum: 23 april 2013, LJN: BZ8291) een dergelijke uitspraak gedaan in een zaak waarbij sprake was van een einde van een beëindigd geregistreerd partnerschap:

“Gelet op het voorgaande, de leeftijd van partijen, de duur van het geregistreerd partnerschap, de omstandigheid dat de vrouw eigen middelen van bestaan had en heeft en met name de omstandigheid dat het geregistreerd partnerschap van partijen (…) geen nadeel heeft opgeleverd, maar heeft geleid tot behoefteverhoging, acht het hof het redelijk dat van de vrouw kan worden gevergd dat zij op redelijke termijn weer aan een levensstandaard gaat wennen die zij gewoon was van vóór het geregistreerd partnerschap. Het hof acht het niet redelijk om in dit geval van de man te vergen dat hij voor de termijn van 12 jaar de levensstandaard naar draagkracht aanvult tot het niveau van gedurende het geregistreerd partnerschap van partijen”.

Vraagt u zich af of in uw geval ook een beperkte termijn of een periodieke afbouw van toepassing zou kunnen zijn, of heeft u andere vragen ter zake het recht op partneralimentatie of de verplichting partneralimentatie te betalen, neemt u dan gerust contact op met een van onze familierechtadvocaten.

Lees meer over: ,