Veel procedures bij beleggen overwaarde woning

28 april 2011

Wij hebben de laatste tijd weer opvallend veel procedures tegen malafide aanbieders van beleggingsproducten en financiële instellingen waarbij het gaat om particulieren die zich hebben laten verleiden om een tweede hypothecaire lening aan te gaan om de overwaarde van hun woonhuis te kunnen verzilveren en vervolgens te beleggen. Dit gaat vaak helemaal mis waardoor de betrokkenen met hoge schulden blijven zitten zonder dat daar het genot van de verzilverde overwaarde tegenover staat.

Wij zien twee categorieën van dit soort zaken: gevallen waarbij evident sprake is van oplichting en gevallen waarbij een op zichzelf bonafide financiële instelling onzorgvuldig heeft gehandeld.

De oplichters gaan meestal in grote lijnen als volgt te werk. Zij benaderen hun slachtoffers telefonisch en/of door het sturen van een fraaie, betrouwbaar uitziende brochure waarin ze zich voordoen als financieel tussenpersoon (soms zijn ze dit ook daadwerkelijk) of aanbieder van een wel zeer lucratief beleggingsproduct. Vaak blijkt achter de tussenpersoon en het beleggingsproduct dezelfde persoon te zitten. De propositie is dan vaak dat de tussenpersoon een (tweede) hypotheek op de woning zal regelen waarna het aldus geleende bedrag zal worden belegd in een bepaald product. Uiteindelijk blijkt het geld dan verdwenen te zijn. Hierop zijn oneindig veel varianten. Wij hebben in onze praktijk inmiddels onder (veel) meer de revue zien passeren:

– Beleggingsfondsen die in het geheel niet blijken te bestaan;

– Teakhoutplantages/Robiniahoutplantages die ofwel niet bestaan ofwel niet van de beweerdelijke aanbieder blijken te zijn;

– Met het geld zou kunnen worden ‘meegelift’ met valutahandel, met dit verhaal werd vervolgens een piramidespel gespeeld dat uiteindelijk in elkaar stortte;

– De tussenpersoon blijkt het geld helemaal niet belegd te hebben, maar weggesluisd;

– De tussenpersoon heeft de aanvraag vervalst waardoor een hoger bedrag geleend blijkt te zijn dat natuurlijk verdwenen is;

– Vakantiehuizen of bouwgrond in Turkije en overige exotische oorden die ofwel niet van de aanbieder blijken te zijn ofwel veel minder waard blijken te zijn dan voorgespiegeld etc.;

– Een openlijk piramidespel;

– De tussenpersoon verstrekt veel te positieve informatie over een op zichzelf legaal beleggingsproduct;

– Vermogen bestemd voor de pensioenvoorziening wordt te risicovol belegd zonder dat de klant dit kan doorzien;

– De in het buitenland gevestigde aanbieder van het beleggingsproduct is plotseling volledig incommunicado en onvindbaar.

Het is derhalve raadzaam bijzonder voorzichtig te zijn als het gaat om dit soort aanbiedingen en u vooraf deugdelijk te laten adviseren. Ga hierbij niet zonder meer af op vergunningen en registraties van officiële instellingen: het proactief financieel toezicht stelt vaak bijzonder weinig voor. Houd voorts in het oog dat rendementen die te mooi klinken om waar te zijn, dit ook zijn.

Wat nu als uw belegging inderdaad in rook lijkt te zijn opgegaan? Veelal kunnen wij met succes de tussenpersoon aansprakelijk stellen. Probleem hierbij is echter regelmatig dat deze geen verhaal biedt (bijvoorbeeld door faillissement of doordat het geld op is of succesvol weggesluisd). In dit soort gevallen komt het voor dat er voldoende grond is om ook de hypotheekverstrekker aansprakelijk te stellen die in de regel wel verhaal biedt. Andersom komt ook voor: de tussenpersoon wordt met succes aansprakelijk gesteld in het geval een malafide aanbieder van beleggingsproducten failliet is of verdwenen.

Bij bonafide financiële instellingen gaat het in dit verband om onzorgvuldig handelen zoals het niet afdoende informeren van de klant, het niet adequaat verdiepen in de klant (wat is de draagkracht, wat wil de klant met de belegging bereiken, etc.), het geven van verkeerde adviezen en het foutief of in het geheel niet uitvoeren van beleggingsorders. Berucht zijn inmiddels ook de financiele producten die zo ondoorzichtig zijn dat de klant geen inzicht krijgt in de in rekening gebrachte kosten (die zijn in die gevallen dan ook vaak veel te hoog). In al dit soort gevallen kan er soms een minnelijke regeling bereikt worden of vragen wij de rechter of het KIFID om een knoop door te hakken.